Zen suite 13
Willibrordsabdij, Zenweek 22-28 april 1985.


1. Lentevogelzang -
uit de kloosterschoorsteen
stijgt een rookpluim op.

2. Een grijze rookpluim
opgaand in regennevel -
vroege lentedag.

3. Even het bos in;
een geur van houtrook doortrekt
de lentemorgen.

4. Uren van zazen;
af en toe doet een windvlaag
de binnendeur kraken.

5. Half ingeslapen;
plotseling tikt de regen
op het zolderraam.

6. Een zachte warmte
raakt mijn wang: een zonnestraal
valt door het dakraam.

7. De bloesemblaadjes
verstrooid over het plankje
met boekenwijsheid.

8. De dag uitzitten -
alles rust, en zelfs de haan
is stil geworden.

9. Bezoek in de kerk;
om het groepje wandelaars
hangt nog een bosgeur.

10. Thuiskomst: alles is
een beetje nieuw geworden
na die week zazen.